Home

ZESDE GENERATIE AMBACHT

Remon en Marcel van Lent haakten aan bij een lange traditie en werden ook schoenmaker. Ze vormen de zesde generatie in een Amsterdams familiebedrijf, dat van oudsher wordt geroemd om zijn vakmanschap. Net als hun vader en voorouders kunnen ook de jongste Van Lent-telgen geen dag zonder de lucht van leer en lijm. ‘Je wordt elke keer weer gegrepen door die heerlijke geur ervan.’

Ze begonnen allebei al op heel jonge leeftijd in de winkel. Remon was pas vijftien toen hij als zaterdaghulpje in de winkel van ‘pa’ aan de slag ging, zijn oudere broer Marcel zelfs nog een jaartje jonger. “Ik was een keer met wat vriendjes op de Heiligeweg, toen ik daar in de zaak van mijn vader even naar de wc ging”, vertelt die laatste. “Hij had het op dat moment zó beredruk dat hij me vroeg om even bij te springen en wat klanten te helpen. Dat was nogal wat voor het bedeesde ventje dat ik indertijd was, maar ik vond het meteen leuk. Niet lang daarna zijn Remon en ik ook volledig in het familiebedrijf gestapt. Vier dagen per week het vak leren van pa, één dag in de week naar de praktijkopleiding voor schoenherstellers in Rotterdam. De zesde generatie Van Lent was aangetreden.”

In hun woonplaats Amsterdam vormt deze familie al een paar eeuwen lang een begrip. Voor het herstellen van je schoeisel ga je naar de Van Lents. Tegenwoordig kun je bij Remon en Marcel terecht in hun twee filialen in de Ferdinand Bolstraat en in het karakteristieke winkelcentrum Oostpoort in Oost. Maar in vele decennia hiervoor dreven hun vader, hun opa’s en overgrootvaders al schoenmakerijen die verspreid waren te vinden over heel de hoofdstad. De allereerste schoenmakers in de familiestamboom stonden al aan het begin van de negentiende eeuw in Utrecht aan de leest. Wat alle Van Lents behalve hun bloedband met elkaar verbindt, zijn het vakmanschap en de hartstocht waarmee ze hun beroep van oudsher uitoefenen.

“Dat hebben we van vader op zoon allemaal meegekregen”, lacht Marcel. Pa Roel van Lent heeft zijn twee winkels weliswaar al in 2010 overgedaan aan zijn twee zonen, maar om de andere dag laat hij daar steeds zijn neus weer zien ‘omdat hij de geuren van het leer en de lijm nou eenmaal niet kan missen’. Als gebruikelijk pakt hij dan ook graag nog een klusje voor zichzelf op. “Ik snap hem helemaal”, zegt Marcel. “Als ik in het buitenland op vakantie ben, snuffel ik zelf ook altijd even in een schoenmakerij rond. En als ik weer terug ben ik mijn eigen zaak word ik meteen ook weer gegrepen door die heerlijke lucht ervan. Dan is het: há, ik mag er opnieuw lekker tegenaan. Daar krijg ik iedere keer echt een boost van.’

Allebei de vestigingen van de huidige Van Lent-tak heten Quick Shoe service. ‘Quick’ zijn Marcel en Remon, maar vaste klanten van de firma hechten vooral ook veel waarde aan de ambachtelijkheid die bij de Van Lents hoog in het vaandel staat. Zo beschikken ze onder andere nog over traditionele gereedschappen en machines die zich al tientallen jaren bewijzen als de beste op hun vakgebied. Via internet en internationale beurzen onderhouden ze ook doorlopend het contact met  collega’s wereldwijd over materialen en technieken waarmee ze hun expertise kunnen vergroten. “Dat is een van de leuke, creatieve kanten van ons beroep”, verklaart Remon. “Er is geen dag hetzelfde. Je moet heel oplossingsgericht zijn ingesteld om bestaande kennis met nieuwe inzichten en technieken te kunnen combineren.”

Hij geeft de ‘vegan’-schoen als voorbeeld. Veganisten huldigen hun diervriendelijke principes niet alleen in hun dagelijks dieet, ze dragen ook geen leren kleding en schoenen. Zo kan het dus gebeuren dat iemand met schoenen die zijn vervaardigd van ananas of een tas van kokosvezels in de Quick Shoe Service voor de toonbank staat. Of de Van Lents ook die kunnen maken? Remon: “We gaan uiteraard met onze tijd mee, maar soms kom je voor vragen te staan waarop ook wij het antwoord niet meteen weten. Door de band die je met vakgenoten in allerlei landen hebt opgebouwd, vind je de oplossing dan uiteindelijk alsnog. Je blijft altijd leren.” Op de vraag wat een top-schoenmaker van de middelmaat in de branche onderscheidt, hebben de broers wél onmiddellijk een antwoord klaar: “De strakheid waarmee je te werk gaat.” Het uittekenen en snijden van het leer, het verlijmen en stikken van de zolen: wie hecht aan duurzaamheid en kwaliteit, herkent de hand van de meester daarin. Marcel: “En dat van die hand kun je letterlijk nemen. Wij schoenmakers zien niet alleen in één oogopslag of een schoen die goed gemaakt is, maar ook de hand van de collega die hem hiervoor al eens heeft opgelapt, Een schoen die door mijn vader is hersteld, haal ik er bijvoorbeeld nog zo uit. Ook een schoen ik zelf ooit heb hersteld, herken ik aan het handwerk terug.”

Het mag voor zich spreken dat gepassioneerde schoenmakers het allerliefst aan de slag gaan met schoeisel van de beste ontwerpers en producenten. De Van Lents roemen de exemplaren van Engelse en Italiaanse makelij. De Engelse omwille van hun degelijkheid, de Italiaanse vanwege hun elegantie en het gebruikte leer. Verder rekenen Marcel en Remon ook de schoenen van de Amerikaanse merken Alden en Florsheim tot hun favoriete. Over leer gesproken: dat van paarden is het mooiste en het kostbaarste. Zacht kalfsleer doet het hart van een schoenmaker eveneens sneller kloppen, ‘omdat het als elastiek om een voet zit’. Laarzen en schoenen van krokodillenleer en andere exotische dieren zien ze in de Quick Shoe Service maar weinig. Dat is en blijft in Nederland toch een ‘no-go’, zoals Marcel het uitdrukt. En, wil je dan natuurlijk van ze weten: komen er op de Ferdinand Bolstraat en in de Oostpoort wekelijks nog genoeg ‘bewuste dragers’ van deftige leren schoenen bij ze over de vloer om ze ter reparatie aan te bieden? Het lijkt er per slot van rekening toch op dat vandaag de dag zo ongeveer iedereen voor elke gelegenheid in een paar sneakers stapt. Remon: “Ja, als je zie dat jonge mannen ze ook al onder hun trouwkostuum dragen, dan heb je het als schoenmaker vaak wel even te kwaad.” Marcel: “Als onze moeder ons zo op onze bruiloft had zien verschijnen, hadden we gegarandeerd een tik voor onze kanis gehad. Ik zie zelfs opa’s op gympies op het schoolplein staan om hun kinderen op te halen. Dat had je als schoenmaker toch nooit kunnen denken! En dat doet ook best pijn.”

Het ‘sneaker-verschijnsel’ mag dan wijdverbreid en door alle lagen van de samenleving om zich heen hebben gegrepen, toch vermoeden de gebroeders van Lent dat er zich in de mode ook weer trends aftekenen die de klassieke look in het straatbeeld terugbrengen. George Clooney, Ricky Martin, David Beckham en in eigen land onder anderen Matthijs van Nieuwkerk, Wilfried de Jong en Humberto Tan zijn stijliconen die ook indruk maken met de schoenen die ze bij hun maatpakken kiezen. Onder vrouwen zorgde Jennifer Lopez al eerder voor een doorbraak: dankzij haar werd de pump weer populair en was het gedaan met de house-trend, die dames gedurende de jaren negentig schoeisel van rubber voorschreef.

Marcel: “Vanaf dat ogenblik konden we als schoenmakers weer massaal hakjes in voorraad nemen, want die slijten van alles wat we ter reparatie krijgen aangeboden het snelst. Wij zijn een heel modegevoelige bedrijfstak, dus je weet nooit welke kant het op schoengebied straks weer opgaat. Maar we zijn optimistisch. Onze branche mag dan door de jaren heen stevig zijn uitgedund, van de schoenmakers die zijn overgebleven, kun je met recht stellen dat ze van het hoogste niveau zijn. Er zal dan ook altijd werk voor ze blijven.”

Dus: kan ook de zevende generatie-Van Lents voor het ambacht worden warmgemaakt? Marcel: “Ik heb nog drie kleintjes. We zullen moeten afwachten.” Remon: “Ik zal ze niet pushen, maar aanbevelen zal ik het ze wel. Het is een schitterend vak om je in te ontplooien.”